Gezond en duurzaam eten voor mens én planeet

EAT-Lancet studie en onze inzichten in gezonde en duurzame voeding

Op 16 januari j.l. publiceerde het medisch wetenschappelijk tijdschrift ‘The Lancet’ het rapport ‘Food in the Anthropocene: the EAT-Lancet Commission on healthy diets from sustainable food systems’. Het rapport is het resultaat van een wetenschappelijke zoektocht naar een duurzaam en gezond dieet. Voor de samenstelling van het rapport werkten 37 wetenschappers vanuit verschillende expertises zo’n 3 jaar samen om tot consensus te komen over een gezond en duurzaam voedselsysteem voor de wereld. De centrale vraag: ‘Hoe kunnen we in 2050 zo’n 10 miljard mensen op aarde op een gezonde en verantwoorde manier voeden?’ Uit de studie komt naar voren dat er urgent grote veranderingen in de wereld nodig zijn: ons voedselpatroon moet worden aangepast en ook het voedselproductiesysteem moet veranderen. Ondanks de urgentie en noodzakelijke veranderingen is de onderzoekscommissie positief. Want het kan: met de voorgestelde aanpassingen kunnen we de aarde én mens gezond houden. De boodschap is wisselend ontvangen. In de media werd gepresenteerd dat we radicaal anders moeten gaan eten. Daarnaast kwam er commentaar dat het voorgestelde voedingspatroon helemaal niet haalbaar is, mensen houden immers niet van verandering, zeker niet als ze opgelegd worden. Ook waren er twijfels of het voorgestelde voedingspatroon nutritioneel wel goed in elkaar steekt.

Echter, het is een feit dat er op dit moment een grote onbalans bestaat in de wereld. Een groot deel van de wereldbevolking eet ongezond en te veel en lijdt hierdoor aan obesitas, diabetes en hart- en vaatziekten. Tegelijkertijd is een deel van de wereldbevolking ondervoed en heeft een drastisch te kort aan nutriënten. Daarnaast heeft het voedselsysteem een behoorlijke impact op het milieu en levert een grote bijdrage aan de mondiale uitstoot van broeikasgassen. Bovendien legt het beslag op schaarse natuurlijke hulpbronnen.

Kortom, we hebben te maken met een ongezonde en niet duurzame situatie, die ook volgens ons moet (en kan) veranderen.

Inzicht in duurzame en gezonde voeding

Door de jaren heen heeft Blonk Consultants studies gedaan en inzicht verkregen over gezond en duurzaam eten. Zo onderzochten we in 2015 voor Natuur & Milieu hoe een gezond en duurzaam voedingspatroon voor Nederland ingevuld kan worden. Het resultaat is het Menu van Morgen. Voor WWF in het Verenigd Koninkrijk deden we in 2017 een vergelijkbare studie en hebben we de ‘Livewell Plates’ (diëten die zowel goed voor mens als milieu zijn) een update gegeven. We onderzochten wat de inwoners van het Verenigd Koninkrijk moeten eten richting 2030 en 2050 om de uitstoot van het Verenigd Koninkrijk te verlagen met 60%, om onder 2 graden opwarming van de aarde te blijven.

Dezelfde conclusies, andere uitgangspunten

Wij komen tot ongeveer dezelfde conclusie als de EAT-Lancet commissie: een meer plantaardig voedingspatroon, bestaande uit groenten, peulvruchten, noten, volkoren granen met daarnaast zuivel en vis. En minder dierlijke eiwitten en suikerhoudende producten. Echter, de methode van onze studies was anders, eigenlijk preciezer en met minder beperkingen dan de Lancet-studie.

Vastgestelde voedingspatronen versus optimalisatie


Een van de verschillen is dat de EAT-Lancet Commissie uitgaat van vooraf vastgestelde voedingspatronen, zoals flexitarisch, pescetarisch, vegetarisch of veganistisch. Dit betekent dat de hoeveelheden voedingsmiddelen op voorhand vastliggen. In onze studies hebben we gekozen om gebruik te maken van ‘optimalisatie’, waarbij we redeneren vanuit de nutriëntenbehoeften en duurzaamheidsdoelen en opzoek gaan naar een optimale invulling van het voedingspatroon. Deze methode zorgt ervoor dat een geoptimaliseerd voedingspatroon altijd binnen de nutritionele grenzen valt, denk aan de juiste hoeveelheid calorieën en vereiste vitamines en mineralen. Deze benadering leidt tot andere resultaten omdat er meer vrijheidsgraden zijn, en zelfs tot een voedingspatroon met een lagere milieu-impact dan wanneer wordt uitgegaan van een vooraf vastgesteld voedingspatroon.

Gehele levenscyclus voedingsproducten


Een ander belangrijk verschil is dat wij de gehele levenscyclus van de voedingsproducten onder de loep hebben genomen, waar in de Lancet-studie alleen de agrarische productie centraal staat. Dat betekent dat de milieu-impact van een voedingsmiddel onderschat wordt. Voor sommige voedingsmiddelen ligt het zwaartepunt van de milieu-impact niet in de primaire productie, maar bijvoorbeeld in de bereiding bij de consument thuis of in de verpakking.

Werkelijke consumptiecijfers


Verder zijn wij niet, zoals de EAT-Lancet Commissie, uitgegaan van productie- en exportcijfers om de huidige voedingspatronen in kaart te brengen. Ons uitgangspunt werd gevormd door de Voedsel Consumptie Peiling, dus hoeveelheden die werkelijk door de consument worden geconsumeerd. Het verschil in uitkomst is goed te illustreren aan de hand van de productgroep ‘olie’, zo wordt in de Lancet-studie verondersteld dat de in een land beschikbare plantaardige olie wordt geconsumeerd, maar dat is geen goede aanname (denk aan frituurolie).

Haalbaarheid nieuw voedingspatroon


Tot slot, een ander aspect in onze benadering is dat het nieuwe voedingspatroon zo min mogelijk afwijkt van het huidige (gemiddelde) voedingspatroon in een land. Op deze manier is een nieuw voedingspatroon haalbaarder voor consumenten. Met relatief kleine aanpassingen is al een gezonder en duurzamer resultaat te bereiken.

Vervolgstappen

Nu er een duidelijk advies (en een behoorlijke opgave) aan de hele wereld ligt moeten er vervolgstappen komen. Wat die vervolgstappen precies zijn en wie dat op zich gaat nemen is onzeker. Op de eerste plaats is een vertaalslag van het referentievoedingspatroon nodig, bijvoorbeeld per land. Elk land is immer anders en heeft andere eetgewoontes, -behoeften en beschikbaarheid van voedingsmiddelen. Daarnaast is haalbaarheid hierbij een belangrijk aspect, is de consument bereid om zijn voedingspatroon aan te passen en hoeveel moet hij veranderen? Verder ligt er een opgave voor overheden en bedrijfsleven. In hoeverre kan de overheid ‘bepalen’ wat inwoners wel of niet eten? Hoe wordt dit vertaald naar beleid? Gaan voedingsmiddelenbedrijven hun producten daadwerkelijk gezonder en duurzamer maken? Gaat de milieu-impact van de landbouwsector omlaag? Dat er snel gehandeld moet worden is duidelijk. Inmiddels zijn er duidelijke handvatten ontwikkeld om tot een gezonder en duurzamer voedselconsumptiesysteem te komen. Laten we hopen dat alle partijen aan de slag gaan om mens én planeet gezond te houden.


Meer informatie




Vragen over de EAT-Lancet studie of over gezonde en duurzame voeding?
Neem contact op met Roline Broekema via roline@blonkconsultants.nl bel +31 (0)182 579970.