Alles weergeven
Fruit & vegetables

Fruit & vegetables

Duurzamer eten: groente en fruit bij de supermarkt

Onderzoek de Consumentenbond

In opdracht van De Consumentenbond heeft Blonk Consultants de duurzaamheid van groente en fruit in de Nederlandse supermarkt onderzocht. Met de resultaten van dit onderzoek wil de Consumentenbond consumenten informeren over verschillende duurzaamheidsaspecten van groente en fruit. En hen daarnaast meer inzicht geven in het beleid van Nederlandse supermarktketens op dit gebied. Het resultaat is het rapport ‘Duurzaamheidsaspecten van groente en fruit in de supermarkt’. In het onderzoek heeft Blonk Consultants aan de hand van levencyclusanalyses (LCA) de milieu-impact van verschillende groente en fruit in kaart bracht. Daarnaast heeft de Consumentenbond nog andere deelonderzoeken uitgevoerd, zoals een kwantitatief consumentenonderzoek en een analyse van het duurzaamheidsbeleid van Nederlandse supermarkten, met behulp van vragenlijsten.

Duurzaamheid groente en fruit

Voor het onderzoek hebben we 12 verschillende groenten en fruit onder de loep genomen: tomaat, sperzieboon, wortel, komkommer, ui, paprika, appel, banaan, sinaasappel, mandarijn, druif en aardbei. Voor vier producten zijn uitgebreide casestudies uitgevoerd: paprika’s, sperziebonen, aardbeien en bananen. Hierbij zijn verschillende scenario’s in kaart gebracht, zoals verschillende herkomstlanden, verpakkingsmaterialen (zoals glas, blik, plastic) en teeltwijzen (zoals biologisch en conventioneel). Daarnaast is het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in kaart gebracht. Aanvullend zijn ook de sociale aspecten die spelen bij de productie van sperziebonen en bananen, zoals arbeidsomstandigheden, op een kwalitatieve manier onderzocht. Hierbij lag de focus op de teeltfase.

Opzet van de studie

De milieu-impact van de verschillende producten is berekend op basis van kilogram gegeten product. Dit betekent dat de gehele levenscyclus van de producten zijn onderzocht. Dus van productie tot en met consumptie van de producten. Op basis van FAO-statistieken is bepaald wat voor de verschillende producten, die in de Nederlandse supermarkt liggen, de belangrijkste herkomstlanden zijn. Hierbij zijn ook de meest gebruikte productietechnieken bepaald, dus bijvoorbeeld of de teelt in open veld of in een kas plaatsvindt. Op basis hiervan is een ‘gemiddeld product’ samengesteld, waar vervolgens de milieu-impact van is berekend. Voor het onderzoek zijn drie milieu-impactcategorieën geselecteerd: klimaatverandering (carbon footprint) (CO2-equivalent), agrarisch landgebruik (m2 per jaar) en waterconsumptie (m3 water).

Resultaten


In figuur 2 zijn de zogenaamde ‘eindscores’ (ReCiPe) weergegeven. Hierin zijn de drie onderzochte impactcategorieën terug te vinden en na een weging opgeteld tot een eindscore.

In de grafiek is te zien dat klimaatverandering (oranje) de grootste bijdrage levert aan de milieu-impact van de producten. Het betreft de milieueffecten van de gemiddelde producten. Dit betekent dat verschillende teeltsystemen, herkomstlanden en verpakkingen niet zijn uitgesplitst. Deze effecten zijn wel uitgewerkt voor vier casestudies: paprika’s, sperziebonen, aardbeien en bananen. Lees meer over deze casestudies in het rapport van de Consumentenbond.

Conclusies en aanbevelingen

Volgens de Consumentenbond is het verduurzamen van de groente- en fruitproductie en -consumptie een gezamenlijke inspanning van producenten, supermarkten, consumenten en overheden. In het eindrapport doet de Consumentenbond enkele uitgebreide aanbevelingen richtingen supermarkten en consumenten. Als we specifiek kijken naar de carbon footprint van de producten, dan kunnen de volgende maatregelen genomen worden:

  • Vermijd import per vliegtuig: transport per vliegtuig zorgt voor een hogere carbon footprint ten opzichte van vervoer per boot. Is het alleen mogelijk om een bepaald product per vliegtuig te importeren vanwege de afstand of het ontbreken van de juiste infrastructuur? Dan is het wellicht het overwegen waard om vanuit andere landen te importeren of een product in een bepaalde periode niet (vers) aan te bieden.
  • Stuur aan op geothermie: van de teelt technologieën in de kas heeft geothermie een veel lagere carbon footprint dan ketel- en WKK-verwarmde kassen.
  • Stimuleer verkoop van verse producten uit het seizoen: verse producten hebben over het algemeen een lagere impact dan ingevroren, ingeblikte en/of producten in een glazen pot.
  • Dring voedselverliezen terug: het terugdringen van voedselverliezen leidt tot een lagere carbon footprint per eenheid product en minder impact op het milieu (bodem, watergebruik, etc.).


Meer informatie




Meer weten over deze studie en de onderzoeksmethode LCA? Of geïnteresseerd in de milieu-impact van groente en fruit?
Neem contact op Jasper Scholten, stuur een email naar via jasper@blonkconsultants.nl of bel +31 (0)182 579970.